1. De Gelaarsde Kat

Er was eens een molenaar die samen met zijn 3 zonen in een molen woonde.
De molenaar was er oud en toen hij stierf , erfde de oudste zoon de molen, de tweede zoon erfde de ezel, en de derde zoon erfde de kat.
De jongste zoon was erg ontgoocheld dat hij werd opgescheept met de kat.
“Wat moet ik doen met een kat ?” vroeg hij. “Ik kan er alleen maar een paar warme handschoenen van maken !”

Toen de kat dit hoorde zei hij “Alsjeblieft ! Maak me niet dood voor een paar handschoenen. Ik kan je helpen om erg rijk te worden. Alles wat ik nodig heb zijn een paar laarzen een zak en een touw.”

De zoon van de molenaar was erg verbaasd toen hij de kat hoorde praten, maar hij gaf hem wat hij had gevraagd. De kat trok de laarzen aan en raapte de zak en het touw op. Ook deed hij wat graan in de zak en verborg zich.
Na een tijdje kwamen er wat fazanten van het graan pikken. Zodra ze in de zak sprongen, deed de kat de zak dicht en had hij de vogels gevangen.

De gelaarsde kat nam de zak fazanten mee naar het paleis. Toen hij aankwam boog hij voor de koning en zei : “Sire, mijn meester, de Markies van Carrabas, zendt u deze fazanten als geschenk”
De koning was erg blij en gaf enkele goudstukken aan de kat
“Geef deze goudstukken aan je meester als dank voor zijn gulle gebaar.”
De gelaarsde kat nam het goud mee naar zijn meester en vertelde het hele verhaal.
Vanaf dan bracht de gelaardse kat regelmatig enkele fazanten naar het paleis, en elke keer werd hij rijkelijk door de koning beloond.

Op een dag hoorde de kat dat de koning met zijn dochter langskwam , en dat ze voorbij het meer zouden rijden.
De gelaarsde kat en de molenaarszoon liepen samen naar het meer.
“Doe je kleren uit en neem een duik in het water” zei de kat.
De zoon van de molenaar deed wat de kat hem vroeg.
Toen de gelaarsde kat in de verte de koets van de koning zag naderen, verborg hij snel de kleding van zijn meester. De koets kwam nu dichterbij, en de kat riep nu luidkeels : “Sire! Mijn Meester was aan het zwemmen in het meer en een dief heeft zijn kleren gestolen! “
De koning keerde meteen terug naar het kasteel om nieuwe kleding te halen.
Het was kleding van de duurste en meest prachtigste stoffen, die de molenaarszoon perfect leken te passen.
Daarna vergezelde hij de koning tijdens de rit.
De gelaarsde kat liep voorop en kwam voorbij een veld waar enkele boeren aan het werk waren.
“Van wie is dit veld ?” vroeg de kat
“Het is van de Menseneter” antwoordde één van de boeren.
Toen zei de kat : “Wanneer de koning langsrijdt zeg hem dan dat het veld eigendom is van de Markies van Carrabas”
De kat haastte zich en rende toen naar een prachtig woud. Hij vertelde de mensen die er wandelden wat ze moesten zeggen wanneer de koning langskwam, en tenslotte ging de kat naar het kasteel van de Menseneter.

“Ik heb gehoord dat je jezelf kunt veranderen in elk dier dat je wenst” zei hij tegen de Menseneter, “Kun je jezelf veranderen in een leeuw?”
“Kinderspel ! ” zei de Menseneter en veranderde zich in een leeuw
“Schitterend ” zei de kat , “Maar ik wed dat je je nooit kunt veranderen in een muis.”
“Oh nee?!” brulde de Menseneter en veranderde zich in een muis. Meteen stortte de gelaarsde kat zich op de muis en verscheurde ze.
De Koning kwam aan bij het kasteel en was erg onder de indruk van de Markies van Carrabas.

“Welkom in het kasteel van mijn Meester, Sire” zei de gelaarsde kat.

De zoon van de molenaar trouwde met de prinses en ze leefden nog lang en gelukkig in het kasteel.

Reageer